Hoera, mijn lampje is eindelijk gaan branden.

Ik zit op de bank, het is avond, het wordt donker

in de huiskamer en ik heb geen zin om op te staan. Ik geef toe, het lijkt een moment van verstandsverbijstering maar ik denk bij mezelf “proberen kan nooit kwaad”. En dus zeg ik zacht maar hardop “lamp ga alsjeblieft aan…….” Er gebeurt niets. Na een tijdje probeer ik het opnieuw en zeg ik iets indringender en luider “Lamp ga aan!”. Weer niets. Nu volgt mijn laatste poging. “NONDEJUSE ROTLAMP, GA VERDOMME AAN!!!”. Het blijft donker.

Ik verhef weliswaar mijn stem, vloek en kijk indringend naar de lamp, toch voel ik hier weinig tot geen emoties bij. Het is namelijk een lamp. En ik kan op mijn kop gaan staan, dat ding gaat zich nooit en te nimmer vanzelf aanzetten omdat ik het wil. Ik ben niet boos op de lamp. Ik verwacht immers niets van de lamp. Het kost me dus ook weinig moeite om zo dadelijk op te staan en het lichtknopje toch zelf maar om te zetten. Daar gaan geen frustratie en energie aan verloren. Hoe anders is dat vaak met mijn beide kinderen wanneer ze niet naar mij luisteren. Het kost me bergen energie om telkens weer tot 10 te moeten tellen. Waarom doen ze toch niet wat ik vraag?

 

Voorbeeld: In tegenstelling tot lampen is het wat kinderen betreft aan te raden ze af en toe in bad te stoppen. Dat is toch al niet mijn favoriete hobby. Zeker als ze lekker aan het buitenspelen zijn is het een enorme opgave om dat voor mekaar te krijgen zonder fysieke dwang. Letterlijk een gevecht dus. Ze blijven me maar negeren. “Maar realiseer je goed” zei iemand met veel psychologische wijsheid mij laatst: “een kinderbrein is in ontwikkeling, het moet nog jaren rijpen om goed te kunnen functioneren. Jouw kind maakt niet perse de bewuste keuze om geen aandacht te geven aan wat jij vraagt. Het wordt meegesleurd in zijn eigen emoties en kan daar in deze situatie (nog) niet het hoofd aan bieden. Jij gaat er te veel vanuit dat het kind jou alleen moedwillig en volledig bewust negeert. Je neemt tegenslag en weerstand daardoor veel te persoonlijk op. Dat leidt alleen maar tot grote frustratie.”

 

Ik realiseerde mij dat het waar was. Als ik het nu eens voor elkaar zou krijgen om me telkens te realiseren dat de kinderen mij echt niet volledig moedwillig tegenwerken, net als die lamp. Dan hoef ik me in elk geval niet zo erg meer op te winden. Wat een innerlijke rust zou dat opleveren. En dus denk ik bij escalerende situaties met de kinderen sinds kort aan die lamp die maar niet aan gaat als ik erom vraag. Niet omdat ik vind dat er geen verschil zit tussen lampen en kinderen, maar gewoon om mezelf aan hun eigen “gedeeltelijke onmacht” te herinneren en daar meer empathie, meer begrip voor te krijgen. En het lijkt te werken. Het badprocédé loopt feitelijk nogsteeds even stroef maar het frustreert me in elk geval een stuk minder.

 

Maar wacht eens even, daar krijg ik een idee. Wellicht werkt dit bij “lastige” collega’s, bazen, of (als je zelfstandig ondernemer of manager bent) bij “lastig” personeel wellicht ook net zo. Dat we te veel energie verliezen en innerlijke frustraties genereren gewoonweg omdat we steeds maar weer ten onrechte aannemen dat de ander het bewust allemaal in de soep heeft laten lopen, bewust niet doet wat jij vraagt of bewust geen aandacht schenkt aan wat jij wil. En dus ga ik de volgende ochtend vroeg tegenover mijn baas zitten die druk aan het typen is en op zijn beeldscherm is geconcentreerd. Zonder te groeten zeg ik “Baas geef me opslag!”. Zonder op te kijken van zijn beeldscherm of zijn typewerk te onderbreken zegt hij alleen “NEE!”. Ik ben zeer verrast. “Bedankt” zeg ik met niet gespeeld oprechte stem. Dat verwondert hem blijkbaar want nu kijkt hij wel op. “Hoezo bedankt?” zegt hij. “Nou” zeg ik. “Ik word normaal in dit soort situaties gewoonweg volledig door je genegeerd. Nee is weliswaar niet het antwoord waar ik op had gehoopt maar ik ben al super blij dat ik überhaupt een antwoord heb gekregen”.

 

Ik voel me goed bij mijn nieuwe inzicht en ga hier dus mee door. Die avond zit ik weer in het donker in mijn luie stoel voor een niet brandende lamp. Ik kijk om mij heen of niemand het ziet of hoort en kan het dan toch niet laten: “lamp ga alsjeblieft aan…….”. EN DAN GEBEURT HET PLOTSELING. .......Dan komt mijn dochter van 3 jaar ineens langs, ze bukt zich en zet ongevraagd, dus zomaar uit zichzelf de schakelaar om. De lamp gaat aan, ik heb er niks voor hoeven doen. “Anners kan pappa niks sien he” zegt ze.

Leuke column? Deel hem dan met anderen via een van onderstaande opties:

Reactie schrijven

Commentaren: 0