Veroordelaar veroordeeld

Ondernemen mag toch best een beetje ‘Pluk de Dag’ zijn?

Het is dinsdag, een werkdag dus. Maar ik moet echt naar de kapper. En ‘kapperen’ doe ik alleen maar bij mijn nichtje, die 35 kilometer verderop woont. Normaal neem ik dan de auto en ben ik er 2 uurtjes mee kwijt. Maar het is vandaag erg mooi weer en dus is het verleidelijk om er lekker op de mountainbike heen te fietsen. Dan vergt het me wat meer kostbare tijd dus dat lijkt in eerste instantie geen optie. Maar nadat ik me gerealiseerd heb dat ik zelfstandig ondernemer ben, de kinderen naar school en de opvang zijn, ik alle vrijheid heb om te doen wat ik wil en er bovendien geen deadlines zijn die het in de weg staan, is fietsen toch wat ik besluit te gaan doen.

De omstandigheden onderweg zijn perfect. Geen wind tegen, een prima temperatuurtje en de dennenbomen geuren heerlijk. Ik heb de hele natuur voor mij alleen en onderweg springt er ook nog af en toe een ree voor mijn fiets langs. Zó idyllisch. En toch blijft dat gevoel dat ik me tijdens mijn loondienstperiode ooit heb aangewend, me de hele dag een beetje achtervolgen. Dat gevoel dat ik nu toch eigenlijk aan het werk zou moeten zijn. Het zorgt ervoor dat de ontspanning net niet helemaal optimaal is. Maar wanneer ik op de terugweg op 20 km van huis honger en dorst krijg, besluit ik toch ook nog een flesje cola en een zak broodjes te kopen en die op een mooi plekje in een klein dorp op te gaan eten. Het is een soort “gedwongen” anti-werk-therapie.


Terwijl ik daar zo op dat bankje zit, sjokt een kromme man van een jaar of 75 aan me voorbij. Vlak voor me blijft hij staan. Zijn gezicht staat nors. Hij kijkt me aan en zegt dan:


“Zo jongeman, je zit daar zeker wel lekker. Jaja, jij hoefde vandaag niet te werken zeker?”.


Ik voelde het al een beetje aankomen. Het klonk niet als een vraag, eerder als een conclusie. Hij vindt me vast een luie zak die ouwe knakker. Hoewel hij op leeftijd is, schat ik in dat hij niet al te lang geleden een sterke kerel geweest moet zijn. Zijn handen zijn zo groot als kolenschoppen en het eelt zit er nog dik op. Hij is duidelijk iemand die héél hard gewerkt heeft in het leven.


Schuldbewust stamel ik dat ik vandaag inderdaad even een paar uurtjes vrijaf heb genomen om aan het werk te ontsnappen en van het leven te genieten. Tot mijn verbazing gaat de man naast me op het bankje zitten. Zijn gezichtsuitdrukking wordt ineens veel milder, minder streng. En dan zegt hij:


“Dat heb je dan hééél goed gedaan”.


En terwijl hij daar naast me zit, begint hij zijn levensverhaal te vertellen. Over dat hij als zelfstandig aannemer geld als water verdiende, ook internationaal. Hij minimaal 6 dagen per week aan het bouwen was en zijn vrouw de boel thuis altijd draaiende hield. Over dat hij zijn kinderen nauwelijks zag toen ze klein waren en dat genieten van je gezin en de rest van het leven later wel kwam. Maar dat zijn vrouw hem zo’n 10 jaar geleden, niet lang nadat hij zijn zaak had verkocht, verliet voor een ander. Verliet voor iemand die wel wist hoe je samen van het leven een feestje moest maken. En die kinderen, die waren nu volwassen en woonden aan de andere kant van het land. Hij zag ze zelden.


Terwijl we daar zo zaten en over het leven praatten, kwam er een ijscowagen voorbijgereden. En toen bedacht hij daar ter plekke een prachtige metafoor.


“Kijk ik had best plezier in mijn werk, daar niet van hoor. Dus als je werk beschouwt als een lekker ijsje dan, dan heb ik in mijn leven een heleboel ijsjes mogen eten”.


Ik keek hem aan met een glimlach. En toen vervolgde hij:


“Maar jammer genoeg hadden ze wel allemaal maar één en dezelfde smaak”.


Ik dacht even na. Het was een triest verhaal om aan te horen, maar toch kon ik zijn openhartigheid zeer waarderen. En ineens kreeg ik een ingeving. Ik stond op en zei:


“Nou dan zullen we daar maar eens wat aan doen”.


Even later likten we ieder aan een ijsje uit die ijscowagen. Op die van hem had ik 4 bollen laten zetten. De pistachesmaak vond hij chic. Limoen was wel heel erg zuur. En goh, ijs met yoghurtsmaak, bestond dat ook al? Het smurfenijs was volgens hem niet te eten maar je kreeg er wel een verrekte leuke blauwe tong van. En zo zaten wij daar een paar momenten heerlijk de veelzijdigheid van het leven te proeven.


Op enig moment kwam het afscheid, want ik moest vandaag toch echt nog wel even iets aan werk doen. En terwijl ik wegfietste dacht ik aan dat moment eerder op de dag waarop hij voor me was blijven staan en ik dacht dat hij mijn genietmoment valselijk zou gaan veroordelen. Blijkbaar was de werkelijkheid heel anders geweest en was ik degene geweest die hem onterecht had veroordeeld. 

 

Deze column is door Ondernemersgevoel.nl geschreven in opdracht van www.freelancer.nl en wordt ook op die website gepubliceerd. Freelancer.nl is een marktplaats voor vraag naar en aanbod van freelance opdrachten. 

Leuke column? Deel hem dan met anderen via een van onderstaande opties:

Reactie schrijven

Commentaren: 0